Wie vandaag op zoek is naar extra helpende handen, weet dat dit niet altijd een eenvoudige opdracht is. De arbeidsmarkt blijft krap, vacatures raken moeilijk ingevuld en piekperiodes dienen zich vaak sneller aan dan verwacht. Het is dan ook niet verwonderlijk dat heel wat ondernemingen reikhalzend uitkijken naar de aangekondigde hervorming van het flexi-jobstelsel. Dat zou wel eens één van de grootste uitbreidingen van het flexi-jobstelsel sinds de invoering ervan kunnen zijn.
Van exclusieve club naar open huis
Waar flexi-jobs vandaag enkel mogelijk zijn in sectoren zoals de horeca, detailhandel, de sport- en cultuursector en bepaalde diensten, wil de regering het systeem binnenkort openstellen voor bijna alle sectoren.Dat betekent dat niet alleen horeca, retail en enkele andere sectoren gebruik kunnen maken van flexi-jobstelsel, maar mogelijk ook ondernemingen actief in de bouw, industrie en tal van andere activiteiten. Voor veel werkgevers klinkt dat als muziek in de oren. Extra ondersteuning inschakelen tijdens drukke periodes zonder meteen een klassieke aanwerving te moeten doen, kan immers een belangrijk verschil maken. Toch krijgt niet elke sector automatisch een abonnement op deze nieuwe flexibiliteit. Via een zogenaamd opt-outsysteem behouden sectoren de mogelijkheid om zich uit het systeem terug te trekken als zij van oordeel zijn dat flexi-jobs niet passen binnen hun organisatie van arbeid. En sommigen hebben daar duidelijk niet mee gewacht: de begrafenisondernemers, vastgoedbeheerders en -makelaars en de land- en tuinbouwsector hebben al laten weten dat ze hoogstwaarschijnlijk van die opt-out gebruik zullen maken. De boodschap is dus duidelijk: de deur gaat open, maar niet iedereen zal er noodzakelijk door mogen/willen wandelen.
Een hoger plafond betekent meer speelruimte
Niet alleen het toepassingsgebied wordt ruimer, ook de financiële grenzen krijgen een opfrisbeurt. Het jaarlijkse belastingvrije plafond zou stijgen van € 12.000,00 naar € 18.440,00 en ook jaarlijks worden geïndexeerd. Daarnaast krijgt de horecasector een extra duwtje in de rug: daar stijgt het maximale flexi-uurloon naar € 21,00 per uur. In de andere sectoren blijft het maximum uurloon gekoppeld aan 150% van het baremaloon.Voor werknemers betekent dit meer ruimte om op een fiscaal voordelige manier een centje bij te verdienen. Voor werkgevers blijft het flexi-jobstelsel zo een aantrekkelijk instrument om snel extra handen in te schakelen wanneer dat nodig is.
Minder beperkingen, meer flexibiliteit
De hervorming wil ook enkele bestaande knelpunten wegwerken. Zo geldt vandaag nog het verbod voor een voltijdse werknemer om een flexi-job uit te oefenen bij een verbonden onderneming. Denk bijvoorbeeld aan een werknemer die voltijds werkt bij vennootschap A binnen een groep, maar niet als flexi-jobber mag bijspringen bij vennootschap B van dezelfde groep. Die beperking zou verdwijnen. Voor ondernemingsgroepen creëert dit extra mogelijkheden om personeel efficiënter in te zetten waar de nood het hoogst is. Ook de zorgsector zou meer ruimte krijgen om met flexi-jobs te werken. Uiteraard blijft daarbij gelden dat zorgfuncties enkel kunnen worden uitgeoefend door personen die beschikken over de vereiste diploma’s en kwalificaties. Een wit schortje alleen zal dus niet volstaan.
Flexibiliteit krijgt er een collega bij
De flexi-jobber van morgen zou wel eens een veel vaker geziene collega kunnen worden dan vandaag. Met een uitbreiding naar bijna alle sectoren, hogere plafonds en minder beperkingen zet de regering duidelijk in op meer flexibiliteit op de arbeidsmarkt. Of zoals men in de wandelgangen wel eens zegt: als het moeilijk wordt om extra personeel te vinden, dan moet misschien niet de werknemer flexibeler worden, maar wel het systeem zelf. Wij volgen de verdere ontwikkelingen nauwgezet voor u op en houden u uiteraard op de hoogte zodra de definitieve spelregels bekend zijn.